Stemmige herdenking capitulatie Japan

Tekst en foto Eric van Westerloo

Heemstede – Fijn dat er jaarlijks ook aandacht wordt besteed aan het einde van de Tweede Wereldoorlog in het Verre Oosten. Onder Nederlanders leeft de oorlog vooral binnen Europa. Aan de andere kant van de wereld speelde zich echter ook een verschrikkelijke oorlog af. Nederlandse militairen en burgers die in het voormalige Nederlands-Indië woonden en werkten, hebben een tijd doorgemaakt die niet onderdeed voor de wreedheden van de Duitsers in de bezette gebieden.

Op de begraafplaats aan de Herfstlaan vond zaterdag 15 augustus een herdenking plaats waar de gevallen soldaten werden herdacht. Er werden kransen gelegd door twee wethouders en de veteranen. Harmonie St. Michaël speelde passende muziek en het Wilhelmus, waarbij de orkestleden tegen de regen moesten schuilen onder een boom.

Een indrukwekkend betoog

De veteranen en de belangstellenden trokken na de herdenking richting het raadhuis. Doňa en de Gado’s zorgden voor de muziek met onder andere nummers in het Maleis.
Mevrouw Kerkstra-Cramer hield een indrukwekkend betoog waarin zij de ontberingen van haar familie in Nederlands-Indië beschreef. Haar ouders trouwden vier dagen voor de oorlog begon. Haar vader moest in dienst en zij zagen elkaar vier jaar lang niet. Hoewel haar moeder voor het Rode Kruis werkte, werd zij alsnog opgepakt en gemarteld. Door tussenkomst van haar baas bij het Rode Kruis werd ze vrijgelaten. Haar vader werd in een kooi in een boom gehesen en moest daar urenlang in de brandende zon hangen. Na de capitulatie was de ellende niet voorbij. Opa, die ze nooit heeft gekend, is voor 15 augustus (de capitulatie) van uitputting overleden. Oma moest horen dat haar man was overleden, dat een zoon nooit meer teruggevonden is en dat een schoonzoon niet meer in leven was. Eenmaal terug in Nederland kregen zij te horen: ‘Niet zeuren, jullie zaten in het zonnetje, wij hier in de kou zonder eten.’ Na de oorlog keerde de familie terug naar Nederlands-Indië, alwaar mevrouw Kerkstra-Cramer in 1949 werd geboren.

Binnendijk sloot de dag af met de erkenning dat hij en latere generaties weinig of niets weten van de verschrikkingen tijdens de bezetting van Nederlands-Indië. Nederlanders, Indo-Europeanen, Chinezen, Indonesiërs, Molukkers (van wie velen dienden in het KNIL), de inheemse bevolking, Papoea’s en krijgsgevangenen hadden te lijden onder de bezetter. Wat overbleef was onbegrip bij aankomst in Nederland, gebroken beloften over een toekomst in dit land, het verlies en gemis, trauma’s binnen gezinnen, veerkracht en overleven. Herdenken doen we samen. Binnendijk hoopt dat na mevrouw Kerkstra-Cramer meer mensen hun verhaal durven te vertellen. Want we herdenken door samen te komen en door verhalen te delen. Ten slotte legden mevrouw Kerkstra-Cramer en de burgemeester een krans voor het raadhuis.

Foto: Burgemeester Binnendijk en mevrouw Kerkstra-Cramer leggen een krans.